Zoek
 
Sluiten
INDISCHE ENCYCLOPEDIE
Indopedia
INDOPEDIA
De Indische Encyclopedie
 

Index encyclopedie

Tel. / adres boeken

Recepten, Gerechten

Djamu (Jamu) - medicinale kruiden , planten en vruchten. Ziekten & Kwalen

Indische Boekrecensies

Verhalen

Bladmuziek Krontjong

Bezoekers vanaf jun. '09

 18153603 Bezoekers

 8 Bezoekers online

rss Deze artikelen zijn ook met een RSS reader te lezen. :
https://www.indopedia.nl/data/nl-articles.xml

Oelar (Mal.),

slang of slangen.
Ned.-Indie is zeer rijk aan slangen en slangensoorten.
Van de overvloed worden de volgende soorten genoemd.
De grootste is de reuze of netslang, Mal. oelar sawah, en daarnaar ook meestal sawahslang genoemd, die 6 tot 9 meter lang is.
Zij huist in sawa’s en moerassen en voedt zich met grote en kleine dieren, is voor de mens ongevaarlijk en is eerder nuttig dan schadelijk omdat zij ratten, muizen en varkens eet.
Zij kronkelt zich om haar prooi en kraakt deze, waarna hij met de kop naar voren wordt ingeslikt.
Deze slang is niet giftig. Deze reuzenslang is een pythonsoort, waarvan er in Indie 2 soorten voorkomen.
De boa constrictor komt in Indie niet voor.
Tot de familie van de wormslangen behoort het ijzer slangetje,
Mal. oelar bèsi, dat nog geen 2 dm. lang wordt.
Het heeft de kleur van roestig ijzer.
Tot de familie van de glim- of rolslangen behoort de oelar kapala doea, oelar riboe (Mal.) of twee-kopslang, aldus genoemd omdat zij een rode hals en een rode stompe staart heeft, zodat kop en staart moeilijk zijn te onderscheiden.
De familie van de echte slangen of ringachtigen wordt verdeeld in gladtandigen, groeftandigen en giftandigen.
Tot de eerste behoren de Indische ringslang of oelar ajer (Mal.), de groene boomslang, oelar tambang of oelar tali (Mal., tambang betekent o.m. leggen, uitwerpen, wellicht omdat deze slang levendbarend is,
tali = touw), de waterslang, eveneens levendbarend, leeft in rivieren, is  de laatste tijd zeer gezocht om haar korrelige huid, waarvan het slangenleer wordt gemaakt; zij wordt tot 3 meter lang en is donkerbruin.
Bij de groeftandigen zijn de gegroefde giftanden achter in de bovenkaak, zodat bij een beet deze tanden gewoonlijk niet in de wond komen, waardoor de beet voor de mens gewoonlijk niet gevaarlijk is.
Tot de groeftandigen behoren de zweepslang of oelar poetjoek
(Mal., poetjoek betekent puntig uiteinde, aldus naar de puntige snuit van deze slangen) met een lange zweepstaart, leeft in de bomen;
de vogelslang, Mal. oelar boeroeng of oelar tjintjin mas
(boeroeng = vogel, tjintjin = ring, mas = goud, naar de gele ringen van de slang), deze slang is zwart en geel geringd; de giftige mangrove slang, Mal. oelar bakau (bakau = mangrove), die donkerbruin is.
Bij de giftandigen zijn de giftige groeftanden vóór in de bovenkaak en kunnen worden opgericht, waardoor deze slangen zeer giftig zijn.
Hiertoe behoren o.a. de brilslang of oelar sèndok (sèndok = lepel, naar het vermogen van deze slang de nek lepelvormig uit te breiden) of oelar berloedah (loedah is speeksel, omdat zij spuwen).
(Lat. naja tripudians, een ander soort naja sputatrix).
De brilvormige tekening op de verbreden nek is bij de in de archipel voorkomende brilslang bijna onzichtbaar; zij kan het voorste deel van het lichaam oprichten en sist en spuwt.
Zij wordt circa 1½ meter lang.
Groter maar met geringere nekverbreding is de reuzenbrilslang of oelar anang (Lat. naja bungaris), die 4 meter lang wordt, zeer gevaarlijk en agressief is.
Zij kan zich snel voortbewegen en achtervolgt mens en dier.
De beet is dodelijk.
Zij is de gevaarlijkste slang in de archipel en komt op Sumatra veel voor.
De beet van de oelar belang (Mal., belang betekent bont, naar de
Zwart-witte of bruingele ringen; Jav. welang) is eveneens dodelijk.
Alle of nagenoeg alle zeeslangen (Mal. oelar laoet; laoet = zee) zijn zeer giftig en agressief.
Zij zijn niet groot, circa 1 meter, dikwijls licht en donker geringd, met afgeplatte staart, en levendbarend.
Hiervan zijn tal van soorten in grote getale in de zeeen van de archipel.
Tot de familie van de adders behoren in Indie de zeer gevaarlijke driehoekskop of oelar tanah (Mal., tanah = grond, aarde) en de groene boomadder, oelar hidjau of oelar bisa (Mal., hidjau = groen, bisa = gif) met rood staarteinde; de laatste behoort tot de lachesis-adders.


Creatie datum: 16/11/2020 08:29
Categorie: - O
Pagina gelezen 16 keren


Reacties op dit artikel

Er heeft nog niemand gereageerd.

Nieuws van den dag uit het voormalig Nederlandsch-Indië