Zoek
 
Sluiten
INDISCHE ENCYCLOPEDIE
Indopedia
INDOPEDIA
De Indische Encyclopedie
 

Index encyclopedie

Bandung adresboek

Recepten, Gerechten

Djamu (Jamu) - medicinale kruiden , planten en vruchten. Ziekten & Kwalen

Indische Boekrecensies

Verhalen

Bladmuziek Krontjong

Bezoekers vanaf jun. '09

 18105709 Bezoekers

 23 Bezoekers online

rss Deze artikelen zijn ook met een RSS reader te lezen. :
https://www.indopedia.nl/data/nl-articles.xml

Onderdaanschap (Nederlands).

Het Nederlandsch onderdaanschap is geregeld bij de wet van 10 februari 1910 (Ind. St. No. 296, gewijzigd bij St. 1927 No. 418 en 1929 No. 294). Deze luidt thans als volgt:

Art. 1. Ook wanneer zij geen Nederlander zijn volgens de wet op het Nederlanderschap en het ingezetenschap zijn Nederlandse onderdanen:

  1. zij, die in Nederlands-Indië, Suriname of Curaçao zijn geboren uit ouders aldaar gevestigd, of is de vader niet bekend, uit een aldaar gevestigde moeder;
  2. de in Nederlandsch-Indië, Suriname of Curaçao geborenen, wier ouders niet bekend zijn;
  3. de echtgenote of niet hertrouwde weduwe van en onderdaan als bedoeld onder lo of 2o;
  4. de buiten Nederlandsch-Indië, Suriname of Curaçao geboren ongehuwde kinderen van een onderdaan als bedoeld in dit artikel, zolang die nog geen achttien jaar oud zijn;
  5. die buiten Nederlandsch-Indië, Suriname of Curaçao uit ouders, die onderdanen zijn volgens dit artikel, geboren kinderen, wanneer zij na hun huwelijk of na het bereiken van hun achttiende jaar in het Koninkrijk gevestigd zijn of zich aldaar vestigen, benevens hun vrouw en hun ongehuwde kinderen, die nog geen achttien jaar oud zijn, indien zij zich mede in het Koninkrijk vestigen.

Art. 2. Het in artikel 1 bedoelde Nederlandse onderdaanschap wordt verloren:

  1. door naturalisatie in een vreemd land. Dit verlies strekt zich uit tot de met de genaturaliseerde gehuwde vrouw en zijn kinderen, die nog geen achttien jaar oud zijn;
  2. door te huwen met een man, die niet valt in de termen van artikel 1 onder lo, 2o of 5o;
  3. door zonder verlof van de Koning of in Nederlands-Indië, Suriname of Curaçao van hem, die aldaar in naam van de Konings het algemeen bestuur uitoefent, zich te begeven in vreemden krijgs- of Staatsdienst;
  4. voor zover het personen betreft, niet behorend tot de inheemse bevolking van Nederlands-Indië, door, ingeval van verblijf in een vreemd land, na te laten zich binnen drie maanden na aankomst aan te geven bij een Nederlandsche consulaire ambtenaar in dat land en door bij voortgezet verblijf na te laten die aangifte binnen de eerste drie maanden van elk kalenderjaar te herhale.

De aangifte door de man of vader voor zijn vrouw of kinderen en door de weduwe voor haar kinderen geldt voor eigen aangifte van dezen. Wie volgens het onder 4° bepaalde het Nederlandsche onderdaanschap heeft verloren en daarna niet in omstandigheden is komen te verkeren als bedoel onder 1°, 2° of 3°, herkrijgt het door vestiging in het Koninkrijk. Art. 3. Deze wet is ook verbindend voor Nederlands-Indië, Suriname en Curaçao.


Creatie datum: 16/11/2020 09:15
Categorie: - O
Pagina gelezen 12 keren


Reacties op dit artikel

Er heeft nog niemand gereageerd.

Nieuws van den dag uit het voormalig Nederlandsch-Indië